10 Tips bij meltdowns

Wat kun je doen tijdens een meltdown? En wat juist beter laten?

10 Tips om jezelf en je kind effectief te steunen, tijdens misschien wel de heftigste situatie in je gezin. In video en artikel.

Tip 1: Maak de situatie veilig.
Tip 2: Stop jezelf.
Tip 3: Blijf in de buurt.
Tip 4: Check in bij jezelf.
Tip 5: Reguleer lichaam en geest.
Tip 6: Geef je kind 100% aandacht.
Tip 7: Verwoord je kind’s ervaring.
Tip 8: Neem minimale actie.
Tip 9: Leid je kind (af).
Tip 10: Maak verbinding.

 

Tijdens een meltdown is je kind volledig de controle kwijt en nog nauwelijks te bereiken. Je kind is niet meer gewoon driftig of dwars, maar compleet overgenomen door emotionele stress. Het enige wat je kind nog kan is ontladen. Door te schreeuwen, roepen, huilen, slaan, schoppen, door wat er ook maar in je kind opkomt om de enorme stress en emoties uit te leven.

Als ouder kun je je enorm machteloos voelen en een onweerstaanbare drang om het op te lossen. En je hebt vast wel gemerkt dat er nauwelijks iets is dat je kan doen om een meltdown te stoppen.
De drang om het op te lossen komt voort uit je eigen stress. En dat betekent dat je acties op dat moment sterk beïnvloed worden door automatische stressreacties. Je acties helpen dan dus vaak ook niet, of verergeren zelfs de situatie.

Waarom helpt niet wat ik doe, en wat werkt dan wel?

Wat werkt is per kind, per ouder en per situatie verschillend. Jij weet als ouder het beste wat jullie nodig hebben – mits je kalm genoeg bent om je innerlijke wijsheid aan te spreken. Deze 10 tips kunnen je daarbij helpen. Ik zal stapsgewijs uitleggen wat er bij jou en je kind gebeurt en hoe je daar een passend antwoord op kunt vinden.

 

Tip 1: maak de situatie veilig.

De belangrijkste eerste stap is om te zorgen dat je kind veilig kan uitrazen. Totdat je kind voldoende heeft ontladen is hij of zij nauwelijks bij te sturen. Zorg dat je kind zichzelf en anderen geen pijn doet, en niets (belangrijks) stuk maakt.
Dus maak de omgeving veilig, of breng je kind naar een plek waar je zo min mogelijk hoeft in te grijpen. Dit geeft jullie beiden de ruimte om te kalmeren. Als je je kind verplaatst, benoem dan alleen kort wat je doet – en verder niets.

 

Tip 2: stop jezelf.

Je kind is overprikkeld door wat er van binnen gebeurt. Voeg daar zo min aan toe. Jouw automatische stressreacties verergeren je kind’s overprikkeling.

Het belangrijkste is daarom dat je uit de automatische piloot stapt en stopt wat je doet. Stoppen geeft je lichaam en geest de kans om tot rust te komen. Pas als je niet meer vanuit stressreacties handelt, heeft het zin om te kijken of je iets kan doen.

Het kan wel zo zijn dat je uit ervaring weet dat bepaalde acties helpen. Bijvoorbeeld je kind vasthouden of zacht praten.
Als dat zo is, vertraag dan in ieder geval je beweging en je woorden. De vertraging kan door je kind worden opgepikt en werkt kalmerend. Daarnaast haalt vertraging de voeding weg voor je eigen stress omdat het de automatische piloot uitschakelt.

Geef bewuste aandacht aan het je bewegingen. Al is het maar dat je langzaam bewust gaat zitten. Zo stap je direct uit de automatische piloot. Bewuste aandacht activeert het hersengebied waarmee je gedrag kan bijsturen, overzicht krijgt en bewuste afwegingen maakt.

 

Tip 3: blijf in de buurt.

Je kind mag nog zoveel geluid maken, nog zulke kwetsende dingen zeggen, nog zo hard je slaan of je wegduwen, je kind blijft jouw aanwezigheid nodig hebben. Je kind voelt zich waarschijnlijk al angstig door de emoties en de stress en als je wegloopt kan daar nog verlatingsangst bovenop komen.
Je kind heeft vrijwel geen controle over zichzelf tijdens een meltdown, en het heeft jouw onvoorwaardelijke liefde hierbij nodig. Door jouw aanwezigheid laat je zien dat je er voor hem of haar bent, dat jij in ieder geval de boel nog onder controle hebt, en je kind op jullie relatie kan vertrouwen.

Blijf dus in de buurt. Hoe dichtbij dat is, wisselt. Het hangt af van de behoeftes van je kind, de situatie, en wat jij zelf kunt verdragen. Het kan dus zijn dat je je kind stevig vasthoudt. Het kan zijn dat je naast je kind zit. Maar misschien ben je buiten de ruimte met de deur open, of sta je achter een dichte deur. Dat laatste kan stressvol zijn voor je kind, maar is soms nodig om jezelf te beheersen of om situatie veilig te houden. Ook mij gebeurt dat wel eens. Doe het dan zo kort mogelijk en vertel je kind kort wat er gebeurt en wanneer de deur weer open gaat.

Ik raad af om ultimatums te stellen of om de deur op slot te doen om je kind te dwingen te kalmeren. Waarschijnlijk kan je kind dat zelf niet, en zelfs als dat lukt ben ik bang voor bijwerkingen. Ik maak me dan zorgen dat je kind zich daarvoor zó in een bocht moet wringen dat er een ongezonde coping ontstaat om dat voor elkaar te krijgen.

Het kan heel moeilijk zijn om in de buurt te blijven. Dat is volkomen begrijpelijk. Je wordt immers diep geraakt door de stress van je kind. Zo zijn we als soort geprogrammeerd. Vindt dus een plek die ook voor jou werkt. Of kondig aan dat je een paar minuten weggaat om jezelf te kalmeren en dat je zo weer terug bent.

 

Tip 4: check in bij jezelf.

Je kunt een meltdown niet zomaar stoppen, maar wel heel makkelijk voeden door onbewust gedrag. Tip 4 is daarom een heel belangrijke stap. Check bij jezelf hoe het met je gaat.

Wat voel je in je lijf?
Wat is je stemming?
Welke gedachten komen op?
Wat ben je geneigd om te doen?

Zodra je aandacht geeft aan wat er bij je speelt, ontstaat er ruimte om je er minder door mee te laten slepen.

En dan is het zaak om volledig te accepteren hoe het nu met je is. Vol compassie jezelf omarmen: “Ja, zo is het nu. Het is zwaar. En dat is OK. Ik kom hier weer doorheen. Iedereen heeft last van stress.”

Het is ook zwaar, dealen met een meltdown. Voor bijna elke ouder. Door jezelf erkenning te geven haal je de voeding uit je stress. Stress ontstaat voornamelijk doordat je weg wil van iets onprettigs. Als je bij het onprettige aanwezig blijft, kom je los van je stressreactie. En bovendien is het een stuk minder zwaar als je niet ook nog tegen jezelf vecht. Omarm jezelf dus.

En in feite geef je hiermee jezelf toestemming om van binnen uit te razen. Net zoals je kind, heb ook jij tijd nodig om te ontladen.

Moet je dat in één keer kunnen? 

Nee, dat hoeft niet. Simpelweg oefenen met acceptatie helpt. Steeds opnieuw oefenen met ‘ja’ zeggen tegen het zo zijn van de dingen. Inclusief je innerlijke conflict.

Je kunt hierbij naar de ademruimte luisteren om je een handje te helpen. Daarin doe je ook meteen stap 5.

 

Tip 5: reguleer je lichaam en geest.

Jouw kalmte en stevige aanwezigheid werkt aanstekelijk. Dat noem je co-regulatie. Je kunt je kind dus het beste helpen door jezelf in het hier-en-nu te ankeren. Dat gaat alleen niet op commando.

Als je eenmaal gestresst bent, kun je daar niet zomaar mee stoppen. Er is een bakje met hormonen omgekieperd in je brein en die heeft allemaal automatische processen in werking gezet. Die piek in hormonen neemt vanzelf af, zolang de stress niet gevoed wordt.

Door bij jezelf in te checken heb je al wat ruimte gemaakt om de stress te laten zakken. Nu kun je een aantal dingen doen om je lichaam en geest nog een handje te helpen:

  • Zucht een paar keer diep. Het is het meest effectief om twee teugen in te nemen, en dan langzaam uit te ademen. The physiological sigh noemen ze dat. Door te zuchten wordt je hartritme automatisch vertraagd en kalmeer je vanzelf.
  • Geef je volledige aandacht aan je ademhaling. Het maakt niet zoveel uit hoe je ademt, de aandacht zelf werkt kalmerend. Alle aandacht die bij je adem is – is niet bij je stress. Het is niet erg om afgeleid te raken, keer gewoon weer terug. Een minuut is vaak al heel behulpzaam.
  • Breid je aandacht uit naar je hele lichaam, en nog een stukje verder. Je kunt als het ware een dekentje van aandacht om jezelf heenslaan. Tijdens stress krijg je tunnelvisie, door bewust je aandacht te verbreden stap je uit de automatische piloot.

Neem minstens een minuut voor deze stap als je goed gestresst bent. En aan het einde staat je bewustzijn weer genoeg open om  de situatie te bekijken.

 

Tip 6: geef je kind 100% aandacht.

Kinderen voelen dat je er helemaal bent. Ook als je geen oogcontact maakt. Het hoeft niet uren te duren, een moment kan al heel behulpzaam zijn. De kwaliteit van aandacht is hierbij belangrijk: zonder oordeel, liefdevol en met compassie. En als je weerstand of oordelen voelt opkomen, dan kun je die ook accepteren en je aandacht weer opnieuw op je kind richten.

Aandacht voor je kind werkt op verschillende manieren:

  • Je kalmeert nog meer door het bewust richten van je aandacht, en van de verbinding met je kind.
  • Je kind weet zich gezien. Een groot deel van de stress kan voortkomen uit niet zien of gehoord worden.
  • Je kind kan nog meer profiteren van de co-regulatie door jouw kalmte en onvoorwaardelijke liefde.
  • Je kunt gaan zien wat er bij je kind speelt, en waar je kind behoefte aan heeft.

 

Tip 7: verwoord je kinds ervaring.

Voordat je iets gaat doen aan de situatie, kan het helpen om eerst je kind te helpen door te benoemen wat er op dit moment gebeurt.

Je kind kan tijdens een meltdown geen gesprekken aan, laat staan dat het goed kan terug praten. Het taalcentrum hapert. Verwoorden wat je ziet – met eventueel de vraag of het klopt, helpt je kind om woorden te geven aan wat het voelt. Dat geeft houvast. En daarnaast kan je kind zo zien dat jij snapt wat er gebeurt. Dat je er voor hem bent. Dat je wil helpen.

Het is niet zo belangrijk dat je alles snapt. Of snapt waarom iets is gebeurt. Hou het kort en simpel. Bijvoorbeeld:

“Je voelt je zó verdrietig.”
“Je wil zo graag die koffer mee naar de crèche. en het mag niet.”
“Je bent heel boos op mama of papa. Zie ik dat goed?”

 

Tip 8: neem minimale actie.

Als je weet wat de situatie kan helpen, is het wellicht tijd om wat te gaan doen. Kijk of je het simpel kan houden.

Misschien heeft je kind vooral honger, en is je kind nu genoeg gekalmeerd om wat te eten. Je kan in de verleiding komen om daarbij extra eisen te stellen. Bijvoorbeeld dat je kind aan tafel gaat zitten, of dat je kind eet wat de pot schaft. Als het echt niet noodzakelijk is, laat het lekker achterwege. Het is al heel wat dat eten weer mogelijk is. Je hoeft hier niet de schoonheidsprijs te winnen, je probeert gewoon samen hier doorheen te komen.

Tip 9: leid je kind (af).

Als je kind genoeg heeft ontladen, ontstaat er ruimte om verder te gaan. Jonge kinderen hebben baat bij afleiding. Ze hebben nog niet zoveel vaardigheden om hun emoties te reguleren – vandaar de meltdown – en de aandacht op iets anders richten kan dan helpen om de emoties verder te laten zakken.

Misschien dat nu die ijskoude druipende moddertrui uit kan, of dat je een grapje maakt, of samen een boekje gaat lezen, of dat je een knuffel aanbied. Dat laatste is ook meteen een bruggetje naar de laatste tip:

Tip 10: maak verbinding.

“Goede relaties kenmerken zich niet door de afwezigheid van conflict, maar door de mogelijkheid om de relatie weer te repareren.” Schrijft Eva Potharst in haar boeken.

Niet alleen zijn meltdowns een noodzakelijk kwaad, maar ook hebben ze wat te bieden. Je kind kan met jouw hulp ervaren dat emoties weer voorbij gaan, dat jij er voor hem of haar bent, en vooral ook dat je onvoorwaardelijk blijft. Zo kan het samen doormaken van meltdowns de veilige hechting een handje helpen.

Bewust verbinding maken met je kind helpt dit proces. Hoe je dat invult is aan jou.

Soms is het nodig om eerst even stil te staan bij wat er was gebeurd. Vooral als je achteraf niet zo tevreden bent met je eigen gedrag kan het je kind helpen om dat kort te vertellen. Of misschien deed je kind iets wat echt niet door de beugel kon en wil je dit nu herhalen dat dit gedrag niet mag. Kijk of je het feitelijk kunt houden, en ook stil kunt staan bij hoe het nu is. Dat het voorbij is. Dat jullie samen verder gaan. De basisprincipes uit de geweldloze communicatie kunnen hierbij helpen.

Vaak is het voor je kleine kind genoeg om gewoon lekker te knuffelen of te lachen, of even samen te zijn en bewust van iets fijns te genieten.

En toen was het weer voorbij…

Ineens lachen jullie weer. Of is je kind aan het spelen. Of eindelijk in slaap gevallen. Na zo’n ontlading kan je kind zomaar alles helemaal losgelaten hebben. Je kind leeft zo in het nu. En nu is het weer een nieuw moment. Heerlijk toch.

En ook jij bent er doorheen gekomen. Met of zonder een paar kleerscheuren. Vergis je niet in de veerkracht van je kind. Jullie relatie kan wel een stootje hebben. Niemand is perfect. Goed genoeg is goed genoeg. En zoals Eline Snel zegt in haar compassiemeditatie voor ouders:

“De ontzaglijke kracht van liefde zal je helpen om alles te doorstaan.”

 

Verder lezen:

Ademruimte

Ouder-kind ademruimte

Physiological sigh

Geweldloze communicatie

Eline Snel’s compassiemeditatie hoort bij het boek “De kleine kikker”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.